Breinvlaag 354 Vergeet-me-niet

Als d’Ouwe Draaisma aan de dan zesjarige Douwe vraagt wat hij later worden wil?, antwoordt deze: “herinnerd, vader”. Dat was in de eersteklas. In de opvolgende schoolklassen is hooguit het HOE veranderd, zo blijkt uit zijn latere werken.

In zijn jongste boekje Vergeetboek, dat leest alsof je naar college gaat, laat deze bijzondere Groningse hoogleraar in de psychologie ons delen in zijn beschouwingen (ingekleurde navertellingen) over het Vergeten als een soort van tegenhanger van Herinneren.

Anders dan in een echt college, zet Draaisma in dit boek een boom op, waarbij zowel de stam als de zijtakken met de aarde verbonden blijven. Hij vertelt een verhaal dat allengs indringender wordt en waarin ik mij ergens halverwege gewaar wordt, dat ik van hetzelfde bouwjaar ben als de schrijver. Welke onderwerpen en hoeveel aandacht hij die schenkt, kan niet anders dan ingegeven zijn door de levensfase waarin hij iets beweert. Ik lees ’s mans eigen verlangen herinnerd te worden als een weliswaar belezen man, maar dan eentje met gevoel voor humor en relativeringsvermogen. Goedmoedig, maar scherp analyserend geeft hij ons inzicht in het waarom van ons verlangen te worden herinnerd, zelf anderen te willen herinneren. Hij spant zich in ons te laten zien hoe hard we ploeteren om ons te verweren tegen Vergeten, tegen vergeetachtigheid, tegen aftakeling, tegen afsterven. Zeer indringend vond ik zijn voorbeeld van soms juist weer wel vergeten – willen – worden door anderen ….

Bijna aanstekelijk, hoewel in- en intriest, vond ik de geschiedenissen die verslag doen van al die kansloos naieve inspanningen van ter dood veroordeelden in dictatoriale gevangenissen – vooral ouders van nog kleine kinderen - om aan hun dierbaren hun kostbaarste bezit na te mogen laten. 

Het in doodsangst, altijd van eigen onschuld overtuigd, bij elkaar geredeneerde waardevolle aandenken trotseert met de bovenmenselijke maat der liefde elke logica. Als het leven (bijna) voorbij is telt kennelijk enkel de oprechtheid van al die goede bedoelingen. Hier past enkel mildheid lijkt mij.

Zelfs met ons hoofd op het hakblok nemen wij risico’s om ons zelfbeeld in onze nalatenschap te perfectioneren, van Kant tot Muurbloem. Dat de zelfmoordenaar op dit alles een uitzondering vormt, mag deze ongelukkige niet aangerekend worden, is het nagalmend slotakkoord. Het zij zo.

Cast in ‘willekeurige’ volgorde:

Abba, Zappa, Stendhal, Broca, O. Sacks, E.A. Poe, Tom Poes en de prinses van Monaco, Kant, Toonder, Mulisch, Daguerre, Lumière, Fouquier-Tinville du Terreur, Coco, Darwin, Nebukadnessar, Scheepmaker, Nabokov, meneer K., mevrouw K., Korsakov, Dement, Dick, Hofland, Duisenberg, Freud, Wim Kayzer, soldaten en Joost e.v.a..



Categorieën:Verhalen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: